Hoofdstukindex:

Jan Venhuizen (geboren 24 september 1939) speelt in de geschiedenis van C+B een grote rol. Hij was de eerste manager van de groep in de jaren 1963 – 1972 en later nog een periode ten tijde van Red White & Blue en de elpee Kid Blue (1973/1976). Hij was in die dertien jaar betrokken bij evenzovele elpees die de groep, in wisselende samenstellingen, opnam.
xxartikelvenhuizen17a
Jan Venhuizen werkte halverwege de jaren zestig als bedrijfsleider in de platenwinkel van de firma Lampe aan de Gedempte Singel in Assen. Eigenlijk was hij meer een liefhebber van klassieke muziek, maar hij bemerkte de enorme belangstelling van de jeugd voor de plots opkomende popmuziek.

Tevens viel hem de populariteit op van de net opgerichte, plaatselijke Cuby & the Blizzards, waarvan enkele bandleden vaak in zijn zaak kwamen om naar die nieuwe muziek te luisteren en platen te kopen.

Venhuizen werd uitgenodigd om een repetitie van de band te bezoeken. Hij was onder de indruk van hun energie en sound. "Dit was nieuw, dit was anders," zegt hij ergens in het interview. Jan kende vele vertegenwoordigers uit de business, die bij hem langskwamen om de nieuwste releases aan te prijzen. Dan werd er ook over de groeiende populariteit van C+B gesproken. Uiteindelijk bood CNR aan om een single te laten maken: Stumble and Fall. De Blizzards grepen deze kans met beide handen aan. Voordat hij met zijn ogen kon knipperen was Venhuizen 'manager' van de groep. Dit werd voor hem het begin van een turbulente periode vol avonturen en tegenslagen, maar ook met vele mooie en lachwekkende momenten. In 1976, toen de Blizzards na het plotselinge vertrek van Eelco Gelling naar Golden Earring en het besluit van Herman Brood om 'solo' verder te gaan, definitief uit elkaar vielen, brak voor Venhuizen een moeilijke periode aan. "Dan leer je pas je echte vrienden kennen, en dat waren er opeens zoveel niet meer," vertelt hij.

Jan pakte op 37-jarige leeftijd alsnog een studie op en behaalde zijn bevoegdheid als leraar elektro-techniek en wis- en natuurkunde. Tot zijn pensionering gaf hij les aan het Noorderpoort-college in Groningen. Met muziek had hij in die jaren weinig  meer van doen. Jan Venhuizen meed in die periode bewust de 'scene' waarvan hijzelf jarenlang deel uitmaakte. Pas de laatste jaren staat hij er weer meer voor open. Erover praten doet hij echter nog steeds niet graag. Voor het C+B Museum maakte hij een uitzondering. Onderstaande  monoloog, die als tweeluik wordt gepubliceerd, is slechts een summiere weerslag van twee urenlange gesprekken.

Voor de juiste chronologie van zaken (jaartallen, bandwisselingen, plaatopnames) en verdere uitdieping  van onderwerpen wordt graag verwezen naar andere bronnen, zoals De Missie van Jeroen Wielaert.



Platenzaak Lampe
Jan Venhuizen: "Popmuziek werd rond 1961/1962 razendsnel populair en de bandjes schoten als paddestoelen uit de grond. De platenmaatschappijen en de winkels, die eerst vrij laks waren, kregen al snel door dat er met die popmuziek geld te verdienen viel. Lampe was eerst een radio- en tv-zaak, waar ik in 1961 ben begonnen. Een jaar later werd een tweede winkel geopend, aan de Gedempte Singel 27, pal naast café Jan Dekker. Dat werd een platenzaak en daar ben ik bedrijfsleider geworden. We hadden een breed assortiment. Klassiek, geestelijk, populair, Nederlandstalig. Het was de tijd dat de Beatles opkwamen en daarmee alle andere binnen- en buitenlandse bandjes. Dus kregen wij ook meer popplaten in de aanbieding en dat trok natuurlijk de jeugd."

XXartikelvenhuizen18"Zo heb ik ook Harry en Eelco leren kennen, want die kwamen vaak bij mij in de zaak. Ze zaten toen beiden in de Rocking Strings. Zij luisterden veel naar buitenlandse radiozenders, maar de blues leefde hier toen nog niet. Harry kwam met namen van artiesten waar ik nog nooit van had gehoord. Ik wilde toch wel wat van dat spul in voorraad hebben, maar veel was alleen verkrijgbaar via import. De vertegenwoordigers raadden me aan wat geleverd kon worden, waaronder die beroemde Live at Newport-elpee van John Lee Hooker. Die heeft Harry razendsnel gescoord en volgens hemzelf is het daar allemaal echt mee begonnen." 
 

Dit is anders…
"Toen die gasten wat verder waren in hun muzikale ontwikkeling ben ik eens gaan kijken. Harry en Eelco kwamen bij mij pochen dat ze nu een 'echte' band hadden: Cuby & the Blizzards. Ik heb ze gezien bij café Boele Geerts, waar ze toen een oefenruimte hadden. Ik had direct het gevoel: Dit is iets nieuws, iets anders, in vergelijking met de inmiddels bekend geworden bandjes als de Golden Earrings, Q 65, de Motions, de Outsiders en de Ro-dy-s." 

XXartikelvenhuizen2"In de winkel kwam ik in contact met de vertegenwoordiger van CNR en die zocht in het noorden wat veelbelovende groepen om op te nemen. Ik heb op verzoek van Addy Kleyngeld van CNR een bandje van C+B opgestuurd met Stumble and fall en I’m so restless. Korte tijd later kreeg ik een telefoontje van CNR: Maak maar een afspraak voor wat opnames. Ik kreeg dat belletje op mijn verjaardag, 24 september. De jongens zaten bij mij thuis, alleen Harry ontbrak. Die was bij Miep Huisman in Norg. Ik heb Harry meteen gebeld en hem het nieuws verteld. Hij was helemaal in de wolken. Korte tijd later zijn we met een VW-busje richting Amsterdam gegaan, naar het BAVO-huis. Daar zijn die twee nummertjes gespeeld, recht voor z’n raap. Het stond er in één keer op. Er was nog geen mix, helemaal niks. Maar goed, dat plaatje kwam uit en dat was hot news in Assen en omstreken hoor! Hij verkocht bij ons trouwens heel goed, want alle fans wilden het hebben natuurlijk. Ook bij Roel Hemmes in Groningen liep die single prima.”

 

"Vervolgens kwam Lou Joosten, de vertegenwoordiger van Phonogram bij me. Hij vond het maar niks dat we bij CNR een plaat hadden opgenomen. Zij hadden er ook wel belang bij. Of we het goed vonden dat opnameleider Tony Vos en producer Hans van Hemert eens langs zouden komen? Nou, prima natuurlijk. Toen zijn Vos en Van Hemert een middag bij Boele Geerts komen luisteren. Van Hemert vond het niks, maar Tony Vos zag er wel wat in. Dit heeft wel toekomst, zei hij. Ik had echter een contract met CNR voor twee jaar getekend. Maar Phonogram heeft die verbintenis gewoon afgekocht. En zo kwamen we bij Philips terecht. Daar hebben we eerst een paar singles opgenomen en vervolgens de elpee Desolation." 


 

Jan als manager
"Rond die tijd ben ik door Harry en Eelco officieel gevraagd om hun manager te worden. Eigenlijk hadden we geen flauw idee wat dat precies inhield. Nou, daar kwam ik snel achter, zeker toen C+B populair werd! Optredens, vervoer, platencontracten, opnames, onderdak, eten en drinken, die gasten uit de shit halen, alles dus. Dat heb ik geweten hoor…”

"Ik bleef echter bij Lampe werken. Het managerschap deed ik er eerst gewoon bij. Ik had overdag de gelegenheid om veel te regelen. Maar op een gegeven ogenblik werd het allemaal te veel. Ik besteedde meer tijd aan de Blizzards dan aan mijn werk. Eigenaar Ben Lampe vond het uiteindelijk beter dat ik stopte. Rond die tijd (1965/1966) kwam ik Simon Kremer tegen. Die had ook een zaak, Radio Kremer. Hij ging op de Brink in Assen een eigen platenzaak beginnen en vroeg of dat niks voor mij was. Ik kreeg de volledige vrijheid van handelen, ook wat C+B betreft. Ik ben toen bij Lampe weggegaan en heb een tijd bij Kremer gewerkt. Maar ook dat kon ik niet meer combineren, vooral  toen die buitenlandse toernees erbij kwamen. Ik ben zelf bij Kremer gestopt. Die zaak is later Andre’s Platenbar geworden."

XXartikelvenhuizen8a"Wat Desolation betreft: De Blizzards hadden toen al eigen repertoire, waaronder covers van hun favoriete bluesartiesten. Harry en Eelco hebben er nog wat nummers bijgemaakt. We zijn rond de tafel gaan zitten en hebben een naar ons idee representatieve selectie samengesteld voor die plaat. Vervolgens heb ik Tony Vos gebeld: We zijn er klaar voor! Vos had een studio geboekt in Hilversum in de Honingstraat. We hebben daar die nummers nog even gerepeteerd en alles toen min of meer in één keer opgenomen."

"Het was er bloedheet. Zó warm zelfs, dat Harry op een gegeven ogenblik zijn kleding uittrok en in ondergoed weggedoken achter een klankkast die nummers heeft ingezongen. Van een paar tracks is een tweede take gemaakt en af en toe is er wat gemixt. Maar verder  is er absoluut niet aan gesleuteld. Ik vind Desolation de meest eerlijke plaat die C+B ooit heeft gemaakt. Er zit nog steeds een sfeer in… Gewoon spelen en pats, klaar! Ik was bij de opnames, zat in de controlekamer bij Tony Vos en die vroeg mij op een gegeven moment: Wat moet ik hier verder nog mee doen? Nou niks, antwoordde ik. Het is blues, het is mooi, het is eerlijk, laten staan zo!"

"Philips gaf me een geluidsband van Desolation, nog voordat de elpee officieel uitkwam. Ik weet nog goed dat Eelco Gelling voortdurend met allerlei fans en belangstellenden bij Lampe binnenstormde. Dan moest ik die band steeds opnieuw draaien. Lampe zelf was woest, want die gasten zaten overal met hun tengels aan. Desolation kwam even later uit. Die plaat deed in begin niet veel. Tony Vos was getrouwd met Tineke de Nooij. Ik kende die twee goed en Tineke werkte natuurlijk als deejay bij Veronica en zorgde ervoor dat er aandacht kwam voor C+B. Die mazzel hadden we en dat scheelde een heel stuk. Vergeet niet dat wij die eerste jaren toch wel grote moeite hadden om door te breken in het westen. Dat veranderde pas toen wij in Sheherazade in Amsterdam optraden. Daar heerste veel scepsis, maar die verdween als sneeuw voor de zon toen we hele boel platspeelden. De media, zoals Hitweek, besteedden veel aandacht aan ons en vanaf dat moment was ons kostje ook in het westen gekocht."



Herman Brood 
"Tussen en na de opnames van de elpees Desolation en Groeten uit Grollo kwamen de eerste wijzigingen in de band. Hans Kinds moest in dienst. We hadden eigenlijk al besloten dat we na zijn terugkeer geen slaggitarist meer wilden, maar een vaste pianist. Dus kwam Herman Brood in zijn plaats. Toen Hans terugkwam is hij chauffeur/roadmanager bij de band geworden. Willy Middel besloot na Groeten uit Grollo zelf om te stoppen. Hij was het hele wereldje een beetje zat en had een andere toekomst voor ogen."

"Ik kon over het algemeen goed met de jongens overweg. Bij mij ging het verder dan alleen een zakelijke relatie. Privé ging ik ook met ze om. We kwamen bij elkaar over de vloer en zo. Dat hield in dat ik ook met hun problemen werd geconfronteerd. Als er stront was, wist iedereen me te vinden. Muskee, Gelling en Brood waren goede jongens, maar ze werden sterk beïnvloed door de cultuur die er in dat undergroundwereldje heerste: vrijgevochten, ongeremd, soms volkomen losgeslagen, zeker als er drank en drugs in het spel waren. De jeugd spiegelde zich daaraan en C+B werd in het noorden een soort rolmodel, net zoals bijvoorbeeld Q 65 en de Outsiders in het westen."

XXartikelvenhuizen11"De verhalen over Herman Brood zijn natuurlijk talloos. Daar heb ik zoveel mee beleefd. Brood introduceerde LSD en dergelijke binnen de groep. Soms zat hij zó wezenloos achter de piano op het podium, dat hij totaal niet wist waar hij was en wat hij moest spelen. Allemaal door die drugs. Akelig hoor."

 

 

"Ik heb hem verschillende malen voor de dood weggehaald. Ziekenhuis in, ziekenhuis uit, nieuw bloed, aan het zuurstof, wat heb ik daar allemaal mee te stellen gehad, ook op toernees in het buitenland. Hij nam altijd verdovende middelen mee en die verstopte hij op of in zijn lichaam. Ik was blij als we hier de grens weer over waren, zeker in die tijd. Als hij was gepakt, waren we allemaal de lul geweest."

"Gelling kon er wat de dope betreft trouwens ook wat van. Met Harry viel het wel mee. Hij gebruikte wel, maar was meer een innemer van alcohol. Als die gasten hadden gebruikt en gezopen, was de chaos vaak compleet. We hadden opnames voor de BRT in Brussel. We zaten daar in een hotel. ’s Nachts zijn de jongens naar de hotelwinkel gegaan, kochten daar een heleboel repen chocola en hebben op hun kamer die chocola helemaal in de vloerbedekking getrapt en daarna de hele kamer verbouwd. Ik wist dat niet, want ik sliep in een andere kamer. Ik kwam de volgende ochtend beneden en daar stond de eigenaar van het hotel met twee politieagenten. Ik heb de ravage gezien. Die hotelkamer was totaal in puin. De schade moest eerst worden betaald, anders mochten we niet weg. Ik had toevallig contant geld bij me van de optredens die we de dagen daarvoor hadden gedaan en ik kon zo 1000 - 1500 gulden neertellen. Weg opbrengst! We hadden die dag de opnames voor de BRT en daar kregen we ook geld voor, anders hadden we niet eens naar Nederland teruggekund. Het is slechts een voorbeeld, maar dit was schering en inslag. Kan je nagaan wat dat ons een geld heeft gekost, kapitalen!"  


 

De jaren in Grolloo
"Toen er een einde kwam aan Harry’s relatie met Miep Huisman hebben we een hoop ellende gehad. Dat was een verschrikkelijke periode, ook voor de band. Die jongen was zó van slag, dermate kapot, dat ik wel bang ben geweest dat hij met de band zou stoppen en zichzelf iets aan zou doen. Ik heb hele gesprekken met hem gehad. Rond die tijd ging hij ook het huis uit, weg bij zijn vader. Die had na het overlijden van zijn moeder kennis gekregen aan een andere vrouw en daar kon Harry niet mee overweg. Ook niet met zijn vader trouwens, maar dat is elders al breed uitgemeten. Ik heb toen een kamer voor hem geregeld aan de Collardslaan, waar vroeger de dansschool van Jaap Jongepier zat, tegenover het Wapen van Drenthe. Maar ja, na die affaire met Miep wilde hij alleen zijn, naar de stilte van het platteland. Toen kwam het boerderijtje aan de Voorstreek in Grolloo in beeld. Harry kon het huren. We zijn er samen gaan kijken. Ik vond het helemaal niks. Maar Harry was zeer beslist; hier wilde hij wonen. En vervolgens is hij naar Grolloo vertrokken." 

XXartikelvenhuizen20"Die eerste tijd in Grolloo is voor Harry niet makkelijk geweest. Dat wordt nu allemaal wel geromantiseerd, maar hij werd door de boeren met de nek aangekeken. Ze vonden het maar een viezerik met dat lange haar. En de rest van de band ook. Dat tuig kwam allemaal uit de grote stad. Daar bedoelde ze Assen mee. En die afschuwelijke harde rotmuziek… Wat later, toen Harry ingeburgerd was, werd hij min of meer geaccepteerd. Met name Harm en Grietje Hofsteenge hebben zich over hem ontfermd. Daar kon hij altijd terecht voor eten, om te douchen, om z’n kleren te wassen. Maar in het begin…"

"Maar goed, die rottijd heeft wel geweldige nummers opgeleverd. Ik weet nog heel goed dat ik in de boerderij kwam en dat ze daar Somebody Will Know Someday aan het instuderen waren. Toen ik hoorde wat ze hadden zei ik direct: Dit is een wereldnummer, zo goed! Het werd ook met zoveel passie gespeeld en met zoveel emotie door Harry gezongen… Als we dat toen hadden opgenomen, zoals ze dat daar speelden in die sfeer, dat vind je niet op de plaat terug hoor. Ik krijg er nog de rillingen van als ik daaraan terugdenk. Ik vind het zelf nog altijd het mooiste nummer van C+B. Maar ja, Philips vond het te lang voor een single hè? Voor Window of my Eyes haalde Harry gewoon tekstregels uit verschillende Engelstalige boeken van bijvoorbeeld Jack Kerouac en William Burroughs en die voegde hij samen. Harry was natuurlijk heel belezen en het is knap hoe hij dat heeft gedaan."



Harry’s nukken

"Met die nukken van Harry heb ik wat stellen gehad zeg. Ach man… Harry was een goede, maar zeer aparte en vaak lastige jongen hoor. Ik heb genoeg concerten afgezegd omdat hij gewoon geen zin had om op te treden. Smoezen moeten verzinnen dat hij ziek was of zo. Als Harry het voor de kop had, was het vaak niet te best. Ik ging voor ieder optreden die gasten met angst en beven ophalen. Want er was altijd wel wat. En dan gebeurde het nog hoor, dat Harry onderweg zei: Ik heb keelpijn of ik heb geen zin, ik treed dus niet op. En dan moest je lullen als Brugman. Soms lukte het om hem over te halen, maar vaak ook niet. Dat was zo merkwaardig… Zodra we Drenthe verlieten, was het mis met Harry. En als we bij terugkeer Meppel voorbij waren, was het weer OK. En in het buitenland kon je het vaak helemaal vergeten! Ik heb heel wat processen moeten voeren en schadeclaims afgehandeld van woedende zaaleigenaren die op het laatste moment voor een volle zaal moesten bekennen dat het concert niet doorging. Waardeloos natuurlijk…"

"Als we een weekend in het westen optraden, had het geen enkele zin om na ieder concert terug naar huis te rijden. Soms hadden we wel vijf optredens in drie dagen. Ik stelde dan voor om twee nachten een hotel te pakken. Maar dat wilde Harry bijna nooit. Als er enigszins de mogelijkheid was om naar Drenthe terug te gaan, reden we iedere nacht gewoon dat hele eind terug, met negentig kilometer per uur in het busje. Vaak tot grote ergernis van de andere bandleden."

 

XXartikelvenhuizen25"In Engeland overkwam ons dat ook. We hadden er een korte toernee. Kwamen we in een of andere club, bleek de piano vals, en dan zei Harry: Hier speel ik niet. Hij had ook om een pianostemmer kunnen vragen of zo, maar dat kwam niet in hem op. We hebben er verschillende concerten gemist omdat Harry niet wilde optreden. Dat heeft ons handen met geld gekost."

"Toen de toernee was afgelopen, waren de jongens trouwens plotsklaps gevlogen, terug naar Nederland, zonder iets te zeggen. Ik zat met Anton Witkamp van Philips nog in het hotel. Ik had totaal geen geld meer, omdat we van die afgelaste optredens geen cent hadden gebeurd. We hadden alleen een vliegticket terug naar Schiphol, maar ik moest nog wel die dikke hotelrekening betalen. We zijn naar beneden geslopen en op onze knieën langs de balie naar buiten gekropen. De eigenaar zat in zo’n hokje met een schot eronder en zag ons gelukkig niet…" 

"We hebben er ook mooie dingen gedaan hoor. Zoals een succesvol optreden in de beroemde Londense Marquee club en dat was toch wel bijzonder voor een bandje uit Holland. We hadden in Engeland echter veel meer kunnen bereiken. Maar we hebben er onze eigen glazen ingegooid. Ik heb er nog wel een andere leuke anekdote aan overgehouden. We moesten spelen in een goede club, met een beste reputatie en een keurig publiek. Herman Deinum was onze bassist en zo dronken als een kanon. Ze stapten het toneel op, dat toch een paar meter boven de zaal uitstak en Herman liep met zijn basgitaar gewoon rechtuit naar de rand van het podium. Vervolgens stond hij doodstil, maakte een diepe buiging en tergend langzaam zakte hij met zijn hoofd steeds verder voorover. Na een paar seconden donderde hij met gitaar en al van het podium af die zaal in. Wij moesten daar zó verschrikkelijk om lachen... Maar de keerzijde was dat Deinum niet meer opstond. Hij was volledig van de wereld. We hebben nog even gespeeld zonder bassist, maar dat ging natuurlijk niet. Het verdere optreden werd afgelast en dat kostte ons dus weer een bom duiten…"



Eelco Gelling

"In tegenstelling tot Harry wilde Eelco altijd spelen. Maar die was weer zo lui als de donder en die kreeg ik soms met geen mogelijkheid op tijd zijn huis uit. Hij was altijd te laat, met de vreemdste smoezen! Stonden we met het busje voor zijn deur, dan moest hij nog douchen, of zijn haar wassen of een boodschap doen of z’n vriendin een beurt geven, weet ik veel! Ook daar hebben we een hoop gesodemieter over gehad, want Harry ergerde zich daar groen en geel aan. Op het laatst zei hij: Je komt mij maar als laatste ophalen, eerst Eelco. Daar heb ik uiteindelijk wat op gevonden. Als we om vier uur moesten vertrekken, sprak ik met Eelco om twee of drie uur af en dan was ik al blij als we hem om vier uur inderdaad in de bus hadden. Ik had in die jaren maar één prioriteit: Heb ik de boel compleet in de bus? Zijn we niet te laat? En gaat het optreden door?"

XXartikelvenhuizen24a"Hans Kinds is nog een tijd roadmanager geweest. Als ik niet mee kon, regelde Hans de zaken. Dus hij reed ook de band. Nou die heeft eveneens een hoop ellende beleefd hoor. Op een gegeven moment hadden we ergens een optreden. Gelling was weer veel te laat en toen is Hans eerst Muskee op gaan halen. Maar die jongens waren de vorige avond zó ongelooflijk dronken geweest, dat Harry niet wakker te krijgen was. Toen was de maat vol en is Hans naar mij gereden. Hij zei: Hier heb je de bus en de sleutels, het is klaar. Ik doe dit nooit meer."

"Zowel Muskee als Gelling hadden geen rijbewijs. Dat hebben we lang stil weten te houden, maar de politie in Assen wist het wel geloof ik. Ook daar heb ik gedoe over gehad, deels door m’n eigen schuld. Ik woonde in de Savornin Lohmanstraat in Assen en ik had een mooi sportautootje. Gelling kwam bij me en vroeg of hij m’n auto even mocht lenen. Nou neem maar mee, zei ik. Wist ik veel dat ze de kroeg in gingen… In de Molenstraat reed hij twee personen aan. Mensen gewond naar het ziekenhuis, auto total-loss. Hij was niet verzekerd natuurlijk. Die lui wilden terecht een schadevergoeding hebben. Dat heb ik toen allemaal opgelost en de politie erbuiten gehouden. Dat heeft ook weer aardig wat duiten gekost, maar ik wilde Eelco daar niet verantwoordelijk voor stellen. In het Museum staat de motor van Harry. Fraai exemplaar, hij reed er regelmatig op, maar zonder motorrijbewijs…"

"Na Desolation en Groeten uit Grollo was C+B de nummer één groep van Nederland. We hadden uiteraard ook het geluk dat Eelco bij ons speelde. Ten opzichte van Harry is hij altijd ondergewaardeerd gebleven vind ik. Gedeeltelijk had Eelco daaraan zelf ook schuld. Hij was een lieve, bescheiden, beleefde jongen, maar ook naïef, gauw over te halen, snel aan de middelen en niet zo’n beetje ook. Maar een fenomenale gitarist. Luister eens naar The Sky is Crying, hoe Gelling daarop speelt. Die solo, dat doet niemand hem na. Gelling haalde dat aparte geluid uit die Gibson Les Paul. Dat was echt zijn kind. En achteraf gesproken: Misschien was het voor Eelco zelf wel het beste geweest als hij destijds met Van Morrison na dat rampzalige toerneetje hier was meegegaan naar Amerika. Morrison was diep onder de indruk van Eelco’s spel en wilde hem graag meenemen. Ik weet niet of Eelco dat zou hebben gered. Maar hij had een goede kans gehad om het daar te maken, dat weet ik zeker."

"Ik ben bij Eric Clapton thuis geweest, samen met John Mayall en ook Mayall vond dat Gelling één van de beste gitaristen was die hij ooit had gezien, beter zelfs dan Clapton! Diezelfde mening had ook Alexis Corner, de vader van de blues in Engeland. Wij waren goed bevriend met elkaar en ook hij was helemaal gek van Gelling. Hij vond hem fenomenaal. Ik heb Eelco nooit tegengehouden. Maar hij maakte zelf de keuze om te blijven, althans destijds. En daar was ik blij mee, want één ding stond bij mij voorop: Harry en Eelco bij elkaar houden. Want zij waren de as, de kern waar de hele groep om draaide, ongeacht in welke bezetting. Dat is me ook gelukt, tot 1976."

XXartikelvenhuizen22"Eelco kreeg natuurlijk door de jaren heen grote lichamelijke problemen, door alle rotzooi die hij heeft gebruikt. Ook z’n geheugen liet hem in de steek. Hij is een boel kwijt hoor. Uiteraard had zijn gitaarspel daar ook steeds meer onder te lijden. Eelco speelde nog een tijd in z’n eigen band, maar dat schijnt ook helemaal over te zijn. Ik sprak hem nog bij de opening van de tentoonstelling in het C+B Museum in april van dit jaar. Ik had gehoord dat hij hard van z’n fiets was gedonderd en vroeg: Wat hoor ik nou Eelco, ben jij van je fiets gevallen? Waarop Eelco antwoordde: O ja, is dat zo, daar weet ik niks van, vertel eens? Dat is dus typisch de Eelco van dit moment…"

"Harry Muskee en Eelco Gelling hadden een absolute haat/liefde-verhouding. Ze konden niet met, maar ook niet zonder elkaar. Muskee gaf vaak af op Gelling en andersom ook. Dan wilden ze niet met elkaar optreden en moest ik de boel weer sussen. Even later vlogen ze elkaar weer om de nek. Dan dacht ik: OK, weer een optreden gered. Soms hadden ze echt verschrikkelijke ruzie met elkaar. Maar even later op het podium waren het weer dikke vrienden… Alleen toen Eelco naar de Earring vertrok, was het over. Dat heeft Harry hem nooit, nooit vergeven…"



Buitenlandse toernees
"We hebben in diverse Europese landen gespeeld. In 1969 hadden we een toernee in Polen. Dat was echt nog in de oude tijd. Dus we moesten door Oost-Duitsland heen. Harry vond het maar niks en was veel liever thuisgebleven, zoals gebruikelijk. We kwamen bij de grens tussen Oost- en West- Berlijn en we moesten alles uitpakken. Uren duurde dat. Herman Brood had stuff bij zich, dat wist ik zeker. Dus ik zweette al peentjes. Hij had speed in zijn anus verstopt. Maar het ging goed, ook omdat Brood Playboys had meegenomen om die douaniers af te leiden. Harry had het plan om in Warschau meteen terug naar huis te vliegen, maar uiteindelijk zijn die optredens tegen heug en meug doorgegaan. Ik weet nog dat we in Polen Auschwitz hebben bezocht. Niet iedereen van de band was daarbij, maar Harry wel. Dat maakte een ongelooflijk diepe indruk op ons en ik ben blij dat we die avond niet hoefden te spelen."

 

"Een jaar eerder wilden we naar Tsjechoslowakije, maar daar konden we de grens niet over. Op de visumfoto’s hadden we korter haar dan in werkelijkheid, dus werden we door die douaniers zogenaamd niet herkend. Ik legde uit dat we nota bene door de Tsjechische overheid waren uitgenodigd voor een festival in Praag, samen met The Nice. Maar die gasten waren niet onder de indruk. Ik mompelde daarop iets over Schweinhunde, waarop die grenswachters hun stenguns pakten en ons terug Duitsland in joegen. We hebben daar overnacht in een kroeg en organisator Paul Acket heeft er de volgende dag voor gezorgd dat we toch gewoon naar Praag konden. Muskee had de eerste nacht in het hotel al direct een vrouw te pakken. De politie werd erbij gehaald en stormde Harry’s kamer binnen, maar die dame was gelukkig nog net op tijd het raam uitgevlucht…"

XXartikelvenhuizen14"Er is door de jaren heen nogal wat gedoe geweest rond de financiën. Dat achtervolgt mij nou al decennia en ik wil dat best wel eens uitleggen. We hadden drie bronnen van inkomsten, daarbij in aanmerking genomen dat we bij nieuwe contracten geen tekengeld kregen. De centen die we kregen voor de optredens werd iedere week keurig verdeeld, tenminste na aftrek van kosten voor vervoer, hotels, eten en drinken, eventuele schadeposten voor vernielingen en andere zaken, zoals voorschotten. Toen ik als manager full-time voor C+B ging werken, deelde ik ook mee. Voorts hadden Harry en Eelco als componisten BUMA/STEMRA-rechten. Die werden rechtstreeks aan hen uitbetaald."

"En dan waren er de royalties. Naast Harry en Eelco hadden de vaste bandleden die op de platen meespeelden, daar recht op. Nou viel dat om te beginnen wel mee. Een paar centen per verkochte single of een dubbeltje voor een elpee geloof ik. Maar daar stond iets anders tegenover. Wij sloten bij de platenmaatschappij regelmatig een lening af. Omdat die gasten nieuwe apparatuur of instrumenten moesten hebben of omdat we eigen vervoer nodig hadden. We hadden helemaal geen geld, dus waar moesten we dat anders van betalen? Dat werd allemaal verrekend met die royalties. Het was een potje dat in feite door de platenmaatschappij werd beheerd en dat werd gebruikt om in de band te investeren. We hebben bijvoorbeeld op een gegeven moment een nieuwe Ford Transitbus gekocht en later ook andere vervoersmiddelen. In de beginjaren reden we wel naar het westen heen en weer voor een optreden van 75 gulden. Als je twee concerten gaf, kreeg je 150 of 175 gulden. Dat kon niet uit natuurlijk, met alle kosten die we zelf maakten. Dus ook dat werd uit dat potje betaald. Datzelfde gold voor proceskosten als we voor de rechter werden gesleept voor afgelaste concerten. Dit was ook keurig met de jongens besproken en dat was allemaal bij de band bekend."

"Ik heb dat altijd naar eer en geweten afgehandeld. Bovendien hadden we accountant Hofsteenge, die naast De Kolk een kantoor had. Hij controleerde alles en hield het allemaal keurig bij. Natuurlijk kregen Muskee en Gelling belastingaanslagen en daar waren ze niet blij mee. Maar een deel van de geldstromen liep immers via hen. Dat was ook bewust, omdat zij door de jaren heen de vaste kern van de band waren.”

Jan Venhuizen, samen met vriend en singer/songwriter
Egbert Meyers.

 XXartikelvenhuizen1A

 

 

 

 

 

 

 

 

 






Binnenkort volgt deel 2 van dit interview.

Foto's: Koert Broersma, Dries Zwikker, archief C+B Museum. 

 

 

Naar boven